Eerst melden, dan appen: afspraken maken buurtpreventie bruikbaar
Een bericht in de buurtapp bereikt de politie niet vanzelf. Onderzoekers wijzen op het belang van meldafspraken en begeleiding.

Een verdachte situatie kan uitgebreid in een buurtapp worden besproken zonder dat de politie ervan weet. Dat probleem komt naar voren in onderzoek dat Shanna Mehlbaum en Ronald van Steden op 9 oktober toelichten in Secondant, het vakblad van het CCV. Zij volgden zes WhatsApp-buurtgroepen. Deelnemers meldden wat zij zagen niet altijd bij de politie. Voor groepen is dat een goede aanleiding om hun eigen meldafspraken erbij te pakken. De onderzoekers beschrijven hun bevindingen in Secondant.
Eerst de juiste melding
Het uitgangspunt is eenvoudig. Zorg dat iemand met een urgente melding rechtstreeks de politie belt. Een gesprek tussen buren is geen vervanging voor dat telefoontje. Wachten op de reactie van een beheerder kan betekenen dat de informatie later aankomt dan nodig is. Spreek daarom vooraf af dat een deelnemer voor een spoedmelding geen toestemming van de groep nodig heeft.
In hun oorspronkelijke onderzoeksrapport beschrijven Mehlbaum en Van Steden de SAAR-methode die veel groepen gebruiken. De letters staan voor signaleren, alarmeren, appen en reageren. Bij een verdachte situatie waarvoor direct politie nodig is, komt het alarmeren via 112 vóór het bericht aan de groep. Daarna kun je laten weten wat je hebt waargenomen en dat de politie al is gebeld. Het rapport beschrijft deze werkwijze op pagina 30.
Maak vooral de laatste stap helder. Reageren geeft niemand de opdracht om achter iemand aan te gaan. Kies een veilige plek, volg de aanwijzingen van de politie en voorkom een confrontatie. Wie iets heeft gemeld, hoeft het vervolgens niet zelf op te lossen. Voor een melding zonder spoed is het politienummer 0900-8844 beschikbaar.
Afspraken met de wijkagent
De CCV-handreiking over buurtpreventie vraagt daarnaast aandacht voor afspraken met professionals. Bepaal samen waarvoor de groep er is, welke ondersteuning haalbaar is en hoe het contact verloopt. Het CCV wijst erop dat er geen vaste checklist bestaat die in iedere gemeente automatisch tot goede samenwerking leidt. De handreiking gaat over de plaatselijke veiligheidsaanpak.
Maak die afspraken begrijpelijk voor iemand die morgen lid wordt. Een nieuwkomer moet kunnen vinden welke berichten in de groep horen en wie het beheer doet. Zet meldnummers op een vaste plek. Bespreek ook hoe je een onjuist bericht herstelt. Dat voorkomt dat een oud vermoeden nog weken als vaststaand feit rondgaat.
De onderzoekers noemen begeleiding door wijkagenten bij het herkennen van verdacht gedrag. In de bestudeerde groepen spraken beheerders en deelnemers elkaar bovendien aan op stigmatisering. Dat vraagt aandacht voor wat iemand daadwerkelijk doet. Dat je iemand niet kent, is op zichzelf geen aanwijzing voor een misdrijf.
Houd het gesprek bij de melding
Een bruikbare buurtapp hoeft dus niet voortdurend vol te staan. Geef ruimte aan een duidelijke waarneming en houd het gesprek bij de melding. Bespreek met de wijkagent op een rustig moment wat beter kan. Juist door de werkwijze vooraf samen door te nemen, hoeft niemand tijdens een spannend moment te raden wat de volgende stap is.
Neem met je groep de meldvolgorde en de spelregels door.
Bronnen
- CCV Secondant, Shanna Mehlbaum en Ronald van Steden, De impact van WhatsApp-buurtgroepen, 9 oktober 2019
- Mehlbaum en Van Steden, Doe-het-zelfsurveillance, 2018, onder meer pagina 30
- CCV, Handreiking buurtpreventie binnen lokale veiligheidsaanpak, september 2018
- Politie, meldnummers en tips bij woninginbraak, aanvullende ongedateerde adviespagina

